Praktijkgerichte nascholing over farmacotherapie in de eerste lijn
Menu

Afweging van risico’s en baten van liraglutide – het standpunt van de FDA

Door op 16-08-2010

Door de obesitasepidemie is de verwachting dat de prevalentie van type 2 diabetes mellitus zal stijgen. Nieuwe behandelingen om de glucoseconcentraties te verlagen zijn daarom gewenst. Eén van de nieuwe geneesmiddelen is liraglutide, een glucagon-like-peptide 1 (GLP1) receptoragonist. In klinisch onderzoek resulteerde het gebruik van liraglutide, toegevoegd aan andere glucoseverlagende therapieën, in een HbA1c-concentratie die 0,8 tot 1,4 procentpunten lager was dan die tijdens gebruik van placebotherapie.
Aan het gebruik van liraglutide zijn ook een aantal risico’s verbonden. Onderzoeken bij knaagdieren leverden aanwijzingen op dat er een verhoogd risico is op focale hyperplasie en tumoren van de C-cellen in de schildklier. C-cel hyperplasie is een voorloper van medullaire schildklierkanker. De relevantie van deze bevindingen voor de mens is onbekend. De incidentie van deze vorm van kanker in de VS is ongeveer 600 gevallen per jaar, zodat het uitvoeren van een klinisch onderzoek om dit effect te onderzoeken ondoenlijk is. Calcitonine is een hormoon dat uitgescheiden wordt door de C-cellen en het is een biomarker voor schildklierkanker. In de klinische onderzoeken werden calcitonineconcentraties gemeten. Bij gebruikers van liraglutide werd een hoger percentage personen met verhoogde calcitonineconcentraties gevonden dan bij controlepatiënten, maar ook de verhoogde calcitonineconcentraties bleven in het normale gebied. De FDA heeft aanvullend onderzoek geëist om het risico verder na te gaan.
Een ander veiligheidsprobleem is een mogelijk verhoogd risico op pancreatitis door geneesmiddelen die aangrijpen op het GLP1-systeem. Deze signalen komen uit post-marketingmeldingen. Een belangrijke beperking van post-marketingmeldingen is dat het risico op pancreatitis bij diabetespatiënten al verhoogd is. In fase 2 en fase 3 onderzoeken is het aantal patiënten met pancreatitis bij liraglutidegebruikers vier keer zo hoog als in controlegroepen, maar het kleine aantal maakt het moeilijk om uitspraken te doen over de causaliteit. Voorschrijvers en gebruikers moeten zich er bewust van zijn dat misselijkheid en braken bijwerkingen zijn van liraglutide, maar dat het aanhouden van deze klachten een vroege manifestatie kan zijn van pancreatitis. Een laatste probleem is een verhoogd risico op hart- en vaatziekten. Analyses van fase 2 en fase 3 onderzoeken sluiten een verhoogd risico niet in voldoende mate uit.
Met de registratie van liraglutide bevestigt de FDA dat het gebruik van liraglutide van nut kan zijn bij patiënten met onvoldoende regulatie van de glucoseconcentratie met andere therapieën, maar dat aan het gebruik ook risico’s verbonden zijn die verder uitgezocht moeten worden. Uit de post-registratie onderzoeken zal meer duidelijk worden over de veiligheid van liraglutide. In de tussentijd zal voor elke individuele patiënt een afweging gemaakt moeten worden.

Belangenverstrengeling: geen.

M. Parks, C. Rosebraugh. Weighing risks and benefits of liraglutide – The FDA’s review of a new antidiabetic therapy. NEJM 362:774-7.

Liraglutide is in Nederland nog niet op de markt

Log nu in om het volledige artikel te bekijken of om te reageren.

Abonneren

Informatie over dit artikel

Auteurs dr. M.L. Becker
Thema Diversen
Publicatie 16 augustus 2010
Editie PiL - Jaargang 14 - editie 6 - Editie 6, 2010