Praktijkgerichte nascholing over farmacotherapie in de eerste lijn
Menu

De herkenning en medicamenteuze behandeling van angststoornissen op latere leeftijd

Door op 15-06-2012

Angststoornissen op oudere leeftijd zijn een omvangrijk, maar onderbelicht probleem. De prevalentie is vergelijkbaar met die van volwassenen tot 65 jaar. Desondanks worden angststoornissen bij ouderen niet goed herkend in de eerste lijn en vindt adequate behandeling zelden plaats. Dit wordt deels veroorzaakt doordat het ontstaan van angststoornissen op oudere leeftijd relatief uniek is en ouderen vanwege de vaak al lang bestaande klachten niet geneigd zijn om ervoor hulp te zoeken. Het is dus niet verwonderlijk dat er nauwelijks empirische gegevens zijn over de farmacotherapie van angststoornissen bij ouderen. Daar staat tegenover dat de beschikbare data weinig verschillen laten zien met de farmacotherapie van angststoornissen in het algemeen. Zowel de ssri’s als de tca’s zijn ook bij ouderen effectief, waarbij, met enig voorbehoud, de ssri’s de voorkeur hebben. Geadviseerd wordt om bij ouderen de medicatie langzamer met meer tussenstappen op te bouwen en een lagere einddosering te hanteren.

Log nu in om het volledige artikel te bekijken of om te reageren.

Abonneren

Informatie over dit artikel

Auteurs G.J. Hendriks
J. Schuurmans
Publicatie 15 juni 2012
Editie PiL - Jaargang 16 - editie 2 - Editie 2, 2012