Praktijkgerichte nascholing over farmacotherapie in de eerste lijn
Menu

Dermatologische complicaties van continue subcutane infusie van insuline bij kinderen en adolescenten

Door op 01-03-2009

In toenemende mate wordt continue subcutane infusie van insuline (CSII) bij jongeren met inbegrip van peuters en jonge kinderen toegepast met het doel een optimale instelling van de glucoseconcentraties te bewerkstelligen om de gevolgen van diabetes mellitus type 1 (DM1) zoveel mogelijk te beperken. Deze vorm van behandeling kan echter leiden tot dermatologische complicaties zoals lipohypertrofie en lipoatrofie. Conwell et al. (2008) verrichtten een ‘cross-sectional’ onderzoek bij 50 achtereenvolgende patiënten (van wie 26 vrouwelijk) met DM1 die tenminste zes maanden CSII toepasten. Het enige uitsluitcriterium was de aanwezigheid van een reeds bestaande huidafwijking in de gebieden die werden gebruikt voor CSII (zoals psoriasis, eczeem of panniculitis). De huidgebieden die werden gebruikt voor CSII werden beoordeeld op hematomen, littekens, erytheem, pigmentveranderingen, noduli, laesies van de epidermis, lipohypertrofie, lipoatrofie, cellulitis, abcessen. Aan de waargenomen huidafwijkingen werd een numerieke waarde toegekend (meestal van 0 tot 3 bij toenemende ernst) die uiteindelijk opgeteld leidde tot een totale score (maximum 69). De gemiddelde leeftijd was 13,3 ± 3,5 (SD) jaar en de gemiddelde duur van de CSII was 2,8 ± 1,7 jaar. Het gemiddelde percentage HbA1c was 7,7 ± 1,1%. Littekens kleiner dan 3 mm kwamen het meeste voor (94%) gevolgd door erytheem zonder noduli (66%), subcutane noduli (62%) en lipohypertrofie (42%). Deze totale score toonde een negatieve correlatie met de BMI z-score (CDC groeicurven) maar er was geen correlatie met HbA1c, merk insuline of plaats van toediening. Indien de infusienaald onder een hoek van 90º was ingebracht waren de scores doorgaans lager dan bij andere hoeken (p=0,03). Slechts 5% van deze groep patiënten of hun ouders overwogen om CSII te staken wegens de huidafwijkingen. De conclusie luidt dat bij CSII huidafwijkingen vaak voorkomen en dat deze ernstiger zijn bij een lagere BMI, geen verband houden met de gemiddelde glucoseconcentratie en zelden aanleiding zijn om staking van CSII te overwegen.

Log nu in om het volledige artikel te bekijken of om te reageren.

Abonneren

Informatie over dit artikel

Thema Bijwerkingen
Publicatie 1 maart 2009
Editie PiL - Jaargang 13 - editie 3 - Editie 3, 2009