Praktijkgerichte nascholing over farmacotherapie in de eerste lijn
Menu

Diabetogene effecten van bloeddrukverlagende middelen

Door op 01-05-2006

Bij patiënten met onbehandelde hypertensie wordt, in vergelijking met degenen met een normale bloeddruk, een verhoogde incidentie van diabetes mellitus type-II gevonden. Langdurige behandeling met thiazidediuretica of -receptorblokkerende middelen (-blokkers) versterken dit fenomeen. De vraag rijst in hoeverre het gebruik van deze middelen door daartoe gepredisponeerde mensen ook het de novo ontstaan van diabetes mellitus type-II kan veroorzaken. Mancia et al. hebben ter beantwoording van deze vraag een review artikel geschreven waarbij zij zich baseren op een aantal meta-analyses die een onderscheid gemaakt hebben tussen de oudere middelen (thiazidediuretica, -blokkers) en de nieuwere middelen (angiotensine converterende enzymremmers (ACE-remmers), calciumantagonisten en angiotensine-II-receptorantagonisten). Zij analyseerden 14 onderzoeken, omvattende 138.404 patiënten bij wie gedurende gemiddeld ruim vier jaar een behandeling was ingesteld waarbij een vergelijking mogelijk was tussen enerzijds diuretica en -blokkers en anderzijds placebo, ACE-remmers, calcium- antagonisten of angiotensine-II-receptorantagonisten. Per 1000 patiëntjaren deden zich ruim 18 nieuwe gevallen van diabetes mellitus type-II voor, vooral in de diuretica -blokkergroep maar ook, zij het in mindere mate, bij de overigen. Het zijn dus vooral, maar niet uitsluitend, de conventionele bloeddrukverlagende middelen waarbij diabetes mellitus type-II kan worden vastgesteld.

Log nu in om het volledige artikel te bekijken of om te reageren.

Abonneren

Informatie over dit artikel

Thema Bijwerkingen
Publicatie 1 mei 2006
Editie PiL - Jaargang 10 - editie 5 - Editie 5, 2006