Praktijkgerichte nascholing over farmacotherapie in de eerste lijn
Menu

Effect van sulfonylureumderivaten van de tweede generatie op overleving na een myocardinfarct bij patiënten met diabetes mellitus

Door op 01-10-2009

De werking van sulfonylureumderivaten berust op de remming van adenosinetrifosfaat (ATP)-gevoelige kaliumkanalen in de B-cellen van de pancreas. Remming van deze kanalen in het hart leidt mogelijk tot een verminderde bescherming van het hart bij ischemie. Arruda-Olson en medewerkers onderzochten of deze bijwerking in het hart in de praktijk daadwerkelijk leidt tot een verminderde overlevingsduur van diabetespatiënten na een myocardinfarct. Zij onderzochten de overleving van alle 2.189 inwoners van een (betrekkelijk geïsoleerde) Amerikaanse stad, bij wie tussen 1985 en 2002 een myocardinfarct was vastgesteld. Ze maakten daarbij gebruik van het Rochester Epidemiology Project, waardoor zij beschikten over alle relevante geregistreerde medische gegevens van de inwoners. De diagnosen myocardinfarct en diabetes mellitus werden bevestigd met behulp van respectievelijk epidemiologische standaardcriteria en criteria van de National Diabetes Data Group. Van alle inwoners met een myocardinfarct had 19% diabetes mellitus. De klinische kenmerken van deze diabetespatiënten verschilden aanzienlijk van de overige inwoners met een myocardinfarct; zij waren vaker vrouw en hadden een hogere BMI en vaker hypertensie, hyperlipidemie en perifere en cerebrale aandoeningen. Van de diabetespatiënten werd 22% niet-medicamenteus behandeld, 47% van hen kreeg insuline en 31% sulfonylureumderivaten (63% glibenclamide, 33% glipizide en 4% glimepiride). De gegevens van patiënten die andere orale medicatie (n=23) kregen, werden niet in het onderzoek opgenomen.

Log nu in om het volledige artikel te bekijken of om te reageren.

Abonneren

Informatie over dit artikel

Thema Farmacotherapie
Publicatie 1 oktober 2009
Editie PiL - Jaargang 13 - editie 10 - Editie 10, 2009