Praktijkgerichte nascholing over farmacotherapie in de eerste lijn
Menu

Het effect van de behandeling van patiënten met COPD met een lage dosis theofylline in combinatie met inhalatiesteroïden

Door op 17-11-2010

Inhalatiesteroïden (ICS) zijn niet in staat de ontsteking in de luchtwegen van patiënten met COPD te verminderen. Waarom is nog steeds niet duidelijk. Er is echter aangetoond dat lage doseringen theofylline in staat zijn de activiteit van een corticosteroïd-geassocieerd corepressoreiwit, histon deacetylase (HDAC) 2, te verhogen. Dit corepressoreiwit komt verminderd tot expressie bij patiënten met COPD in allerlei cellen en zou een verklaring kunnen vormen voor het onwerkzaam zijn van ICS. Het ligt dus voor de hand om na te gaan of een combinatietherapie van ICS met een lage dosering theofylline wel een effect heeft op de ontsteking in de luchtwegen van deze patiënten.
Ford et al. hebben met dit doel een onderzoek verricht. Dertig patiënten met COPD werden gedurende vier weken behandeld met placebo-theofyllinecapsules in combinatie met ofwel fluticasondipropionaat (FP, 500μg bid) ofwel placebo per inhalatie in een dubbelblind, gerandomiseerd en parallel onderzoek. Na een uitwasperiode van twee weken ontvingen de patiënten actieve theofyllinecapsules (die leidden tot plasmaconcentraties van 8,8 tot 12,4 mg/L). Behandeling met FP met theofylline leidde niet tot een afname van het totale aantal neutrofiele granulocyten in het sputum, maar wel tot een significante daling van het aantal eosinofiele granulocyten in het sputum (p<0,05). Nadere analyse van de met FP plus theofylline behandelde groep (met een aantal correcties) leverde toch een significante daling van het aantal neutrofiele granulocyten in het sputum op, alsmede van het chemokine IL-8 (p<0,05). Daarnaast toonden alleen de met FP plus theofylline behandelde patiënten een toename in de FEV1 (% van de voorspelde waarde). De behandeling met theofylline resulteerde bij deze patiënten in een negenvoudige toename van HDAC-activiteit in mononucleaire cellen in de circulatie.
Deze bevindingen ondersteunen de gedachte dat door een lage dosering theofylline een toename van de HDAC-activiteit in verschillende celtypen bij patiënten met COPD tot stand wordt gebracht, waardoor ICS in staat worden gesteld hun ontstekingremmende werking uit te oefenen. Dit is een veelbelovende benadering om toch een dergelijk effect bij COPD-patiënten tot stand te kunnen brengen.

Opmerking referent: het aantal onderzochte patiënten is erg klein. Bevestiging van deze resultaten door een andere groep onderzoekers met een groter aantal patiënten is dus gewenst. De vraag werpt zich ook op of dit beschreven effect op langere termijn aanhoudt. Ook dit aspect dient in een volgend onderzoek te worden nagegaan. Verder is het onderzoek uitgevoerd bij patiënten met matig ernstige COPD; de vraag is of bij ernstiger vormen van COPD het effect ook aanwezig blijft.

Belangenverstrengeling: het onderzoek werd gefinancierd door de Medical Research Council en Mitsubishi-Tanabe Pharma (Japan). Sommige auteurs hebben financiële bijdragen ontvangen van de farmaceutische industrie.

Ford PA, Durham AL, Russell REK, Gordon F, Adcock IM, Barnes PJ. Treatment effects of low-dose theophylline combined with an inhaled corticosteroid in COPD. Chest 2010;137:1338-44.

Theofylline is in Nederland op de markt als Theolair®
Fluticasonpropionaat is in Nederland op de markt als Seretide® en Flixotide®

Log nu in om het volledige artikel te bekijken of om te reageren.

Abonneren

Informatie over dit artikel

Auteurs Dr. P.L.B. Bruijnzeel
Thema Farmacotherapie
Publicatie 17 november 2010
Editie PiL - Jaargang 14 - editie 9 - Editie 9, 2010