Praktijkgerichte nascholing over farmacotherapie in de eerste lijn
Menu

Inflammatoire darmziekten: nieuwe ontwikkelingen

Door op 25-06-2010

De twee chronische darmziekten die onder de noemer idiopathische inflammatoire darmziekten vallen, zijn de ziekte van Crohn en colitis ulcerosa. Er is toenemend bewijs dat genetische factoren een rol spelen bij het ontstaan van inflammatoire darmziekten, hoewel het mechanisme nog niet precies bekend is.
Abraham en Cho beschrijven in een fraai overzichtsartikel allereerst de homeostase van het immuunsysteem van gezonde darmen en daarna de voortschrijdende inzichten in de genetische mutaties die blijken samen te hangen met inflammatoire darmziekten. De micro-organismen in de darm zijn reeds kort na de geboorte aanwezig, maar veranderen sterk in de eerste levensjaren. Bij volwassenen is de samenstelling van micro-organismen in de feces redelijk constant, maar onder invloed van de omgeving en bij ziekte kan deze veranderen. Hoewel een aantal specifieke pathogenen ervan worden verdacht betrokken te zijn bij inflammatoire darmziekten, is een oorzakelijk verband niet bewezen. Het darmepitheel vormt een barrière tussen antigenen in het maag-darmkanaal en de circulatie. Defecten in het darmepitheel (verhoogde permeabiliteit, verstoorde herstelmechanismen) kunnen leiden tot inflammatoire darmziekten.
Er zijn meerdere genen bekend die na mutatie verband houden met ontstekingsreacties in de darm. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om genen die betrokken zijn bij de herkenning van de micro-organismen in de darm (NOD2), genen die betrokken zijn bij processen waarbij lichaamseigen materiaal wordt verteerd (ATG16L1, IRGM) of genen die betrokken zijn bij immunologische processen. Men schat dat slechts 20% van de genmutaties die mogelijk een rol spelen bij inflammatoire darmziekten, bekend is. Sommige tonen een verband met de ziekte van Crohn of colitis ulcerosa, andere met beide ziektebeelden.
De behandeling van inflammatoire darmziekten bestaat uit verandering van leefstijl (zoals staken van roken bij de ziekte van Crohn), farmacotherapie of chirurgie.
Als mogelijke behandelingen komen ter sprake monoclonale antilichamen tegen TNF-alfa of anti-p40 monoclonale antilichamen tegen interleukine-23 en interleukine-12. Van de behandelmethoden die nog in onderzoek zijn, komen aan de orde infusie van interleukine-1- producerende T-cellen, toediening van interleukine-10 producerende bacteriën of de toediening van bepaalde bestanddelen van bacteriën, commensale bacteriën en probiotica. Bij de ontwikkeling van nieuwe vormen van behandeling is een afweging van de baten tegen de mogelijke bijwerkingen zoals een verhoogd risico op infecties noodzakelijk. De vooruitgang bij de behandeling van inflammatoire darmziekten is afhankelijk van de opheldering van de mechanismen die een rol spelen bij de homeostase van het immuunsysteem van de darmen.

Belangenverstrengeling: dit onderzoek werd financieel ondersteund door the National Institutes of Health, the Burroughs Wellcome Medical Foundation, the Bohmfalk Funds for Medical Research en the Crohn’s and Colitis Foundation of America.

Abraham C, Cho JH. Mechanisms of disease: inflammatory bowel disease. N Engl J Med 2009;361:2066-78.

Log nu in om het volledige artikel te bekijken of om te reageren.

Abonneren

Informatie over dit artikel

Auteurs Dr. B.E. Smink
Thema Aanbevolen Overzichten
Publicatie 25 juni 2010
Editie PiL - Jaargang 14 - editie 5 - Editie 5, 2010