Praktijkgerichte nascholing over farmacotherapie in de eerste lijn
Menu

Is nabilon effectiever dan dihydrocodeïne bij chronische neuropathische pijn?

Door op 01-07-2008

Dierexperimentele studies suggereren dat cannabinoïden mogelijk effectief zijn bij de bestrijding van neuropathische pijnen. In klinische studies is echter nog geen bewijs gevonden voor een sterkere analgetische werking van cannabinoïden in vergelijking met zwakke opioïden. In een gerandomiseerde, crossover, dubbelblinde studie vergeleken Frank en medewerkers de effectiviteit van het synthetische cannabinoïd nabilon met het zwakke opioïd dihydrocodeïne (stap 2 van WHO pijnladder) bij neuropathische pijn.1 In totaal 96 poliklinische patiënten van drie ziekenhuizen in het Verenigd Koninkrijk namen deel aan de studie, bestaande uit een eerste behandelingsperiode (6 weken), een washout periode (2 weken) en een tweede behandelingsperiode (6 weken). De primaire uitkomstenmaat was het verschil in pijnscore tussen nabilon en dihydrocodeïne. Secundaire uitkomstenmaten waren veranderingen in stemming, kwaliteit van leven, slaapuren en psychometrische functies. Inclusie was mogelijk bij een visual analogue scale (VAS)-score van minimaal 40 mm op een schaal van 0-100 mm. De helft van de patiënten startte in behandelingsperiode 1 met nabilon (250 g oplopend tot 2 mg), de andere helft startte met dihydrocodeïne (30 mg oplopend tot 240 mg). De dosering werd tijdens de washout periode geleidelijk gestaakt door halvering van de dosering elke drie dagen. De laatste zes dagen van de washout periode werd geen nabilon of dihydrocodeïne gebruikt. Rescue medicatie – paracetamol 500 mg en codeïne 30 mg (maximaal 8 tabletten) – was wel mogelijk. De resultaten werden op twee manieren statisch geanalyseerd: case analyse (patiënten met gegevens in week 4-6 en week 12- 14) en per protocol analyse (exclusie van patiënten met o.a. therapieontrouw, ontbrekende gegevens door bijwerkingen).

Log nu in om het volledige artikel te bekijken of om te reageren.

Abonneren

Informatie over dit artikel

Thema Farmacotherapie
Publicatie 1 juli 2008
Editie PiL - Jaargang 12 - editie 7 - Editie 7, 2008