Praktijkgerichte nascholing over farmacotherapie in de eerste lijn
Menu

Is tamoxifen op de terugweg?

Door op 01-08-2004

Al meer dan een eeuw is bekend dat oestrogenen de groei van borstkankercellen stimuleren. Bij de postmenopauzale patiënt (bij wie oöforectomie geen zin heeft) is de medicamenteuze benadering er dan ook op gericht de invloed van oestrogenen op de tumorcellen zo laag mogelijk te maken. Bij een patiënt met een positieve oestrogeenreceptor (altijd nog tweederde van de borstkankerpatiënten) kan dit door die receptor te blokkeren. Dat is de belangrijkste werking van tamoxifen. Een andere mogelijkheid is de oestrogeenspiegel in bloed en in de tumor te reduceren door toepassing van aromataseremmers. Dat zijn geneesmiddelen die de omzetting van androgenen (die vrouwen ook aanmaken!) in oestrogenen remmen. Tot slot is er het in Nederland nog niet verkrijgbare fulvestrant dat de oestrogeenreceptor vernietigt.Van tamoxifen, dat na chirurgie standaard gedurende vijf jaar aan borstkankerpatiënten met een positieve oestrogeenreceptor wordt gegeven, is bekend dat er na verloop van tijd resistentie tegen kan ontstaan. Coombes en medewerkers gingen na of het zinnig is om na enkele jaren behandeling met tamoxifen over te stappen op de aromataseremmer exemestaan. Zij deden dat in een dubbelblind gerandomiseerd onderzoek waaraan 4742 patiënten deelnamen. Allen waren postmenopauzale vrouwen met een positieve of onbekende oestrogeenreceptor met een primair mammacarcinoom dat succesvol geopereerd was. De patiënten waren de voorafgaande twee à drie jaar behandeld met tamoxifen. Op toevalsbasis werden twee nagenoeg gelijke en even grote groepen gecreëerd. In een groep werd doorgegaan met tamoxifen (20 mg oraal per dag), in de andere werd de behandeling daarmee gestaakt en vervangen door exemestaan (25 mg oraal per dag). De behandeling duurde vijf jaar, gerekend vanaf het allereerste startpunt met tamoxifen. Het primaire eindpunt was het ziektevrije interval.

Log nu in om het volledige artikel te bekijken of om te reageren.

Abonneren

Informatie over dit artikel

Thema Farmacotherapie
Publicatie 1 augustus 2004
Editie PiL - Jaargang 8 - editie 8 - Editie 8, 2004