Praktijkgerichte nascholing over farmacotherapie in de eerste lijn
Menu

Medicatie-afhankelijke hoofdpijn

Door op 16-09-2010

Medicatie-afhankelijke hoofdpijn (MAH; ‘medication overuse headache’) is een probleem dat alleen ontstaat bij mensen met primaire hoofdpijn (migraine en spanningshoofdpijn). De laatste jaren krijgt dit verschijnsel steeds meer aandacht. In een recent artikel in BMJ wordt de stand van zaken belicht. De wetenschappelijke definitie omvat onder andere hoofdpijn op ≥15 dagen per maand en duur van overmatig gebruik van analgetica gedurende 10-15 dagen per maand in een periode van ≥3 maanden. De stoffen die MAH kunnen veroorzaken zijn vooral eenvoudige pijnstillers, NSAID’s, ergotamine, opioïden (codeïne) en triptanen. De prevalentie in de algemene populatie is 1% van de volwassenen en 0,5% van de adolescenten. Hier gaat een periode met primaire hoofdpijn (vrijwel altijd migraine of spanningshoofdpijn) aan vooraf. Kenmerkend is de ontwikkeling van tolerantie voor het middel (de patiënt heeft meer nodig) en onttrekkingsverschijnselen bij staken van het gebruik, waaronder hoofdpijn (‘rebound headache’!). Dit laatste vormt het grootste probleem bij behandeling van MAH. Uitleg en motivatie is derhalve van groot belang indien men een poging tot staken wil wagen. De belangrijkste onttrekkingsverschijnselen zijn (behalve hoofdpijn) misselijkheid en braken, slaapproblemen, palpitaties, rusteloosheid, angst en onrust. Geadviseerd wordt om het gebruik van de pijnstillers abrupt te staken. Codeïne zou langzaam verminderd moeten worden. Dit geldt ook voor mogelijk gebruikte benzodiazepinen en coffeïne. De onttrekkingsverschijnselen duren bij triptanen circa vier dagen, bij analgetica circa tien dagen. De behandeling van onttrekkingsverschijnselen is lastig. Misselijkheid en braken kunnen bestreden worden met anti-emetica. NSAID’s en prednison worden soms ook toegepast bij een onttrekkingspoging. De resultaten zijn echter wisselend en de wetenschappelijke onderbouwing is zwak. De toepassing van amitriptyline en topiramaat is eveneens niet goed onderbouwd. Uit een ongeblindeerd onderzoek waarbij naratriptan, prednison of placebo werden ingezet bij de onttrekking, bleek dat 69% met naratriptan, 82% met prednison en 97,5% met placebo nog grote problemen ondervond bij staken van de analgetica. De verschillen waren weliswaar statistisch significant, maar niet spectaculair. Begeleiding van de patiënt om deze zware periode door te komen is noodzakelijk.
Wat is nu de beste strategie om het gebruik te staken? In een niet-geblindeerd gerandomiseerd onderzoek bij 120 patiënten werden ambulant staken met uitleg en adviezen, staken met geleidelijke vermindering van prednison en klinische staken met intensieve begeleiding met elkaar vergeleken. Alle behandelingen waren in 75% van de gevallen succesvol (eindmaat: succesvol na twee maanden). Ook ander onderzoek leverde geen significant verschil in effect op. De conclusie van dit overzicht was dat staken van het medicatiegebruik bij MAH de enig mogelijke oplossing is. Uitleg en begeleiding zijn van groot belang. Er is geen consensus welke strategie de beste is. De bijdrage van medicatie bij een poging tot staken wordt niet met onderzoek onderbouwd.

Opmerking referent: een praktische definitie van MAH is de regel van drie: ≥3 pijnstillers/dag, gedurende ≥3 dagen/week, gedurende ≥3 maanden. Preventie is uiteraard de beste oplossing. Het artikel vormt een ondersteuning van het beleid zoals beschreven in de NHG-standaard Hoofdpijn.

Belangenverstrengeling: dit artikel werd overgenomen van Drug and Therapeutics Bulletin. Dit tijdschrift is een onafhankelijk tijdschrift zonder sponsoring, vergelijkbaar met het Geneesmiddelenbulletin in Nederland.

Management of medication overuse headache. BMJ 2010;340:c1305. Republished from: Drug Ther Bull 2010;48:2-6.
http://nhg.artsennet.nl/NHGStandaard/M19.

Log nu in om het volledige artikel te bekijken of om te reageren.

Abonneren

Informatie over dit artikel

Auteurs Knuistingh Neven, A.
Thema Farmacotherapie
Publicatie 16 september 2010
Editie PiL - Jaargang 14 - editie 7 - Editie 7, 2010