Praktijkgerichte nascholing over farmacotherapie in de eerste lijn
Menu

Niet-valvulair boezemfibrilleren: mate van antistolling en invloed op het herseninfarct

Door op 01-05-2004

Van alle hartritmestoornissen komt boezemfibrilleren het meest voor: 3 tot 4% in de gemiddelde bevolking en 5% bij ouderen boven 75 jaar. De ernstigste complicatie daarvan is, naast hartfalen door tachycardie, een herseninfarct door een of meer arteriële embolieën uit het (functioneel) stilstaande hartoor. Door antistolling kan het risico op een beroerte worden verkleind.

Log nu in om het volledige artikel te bekijken of om te reageren.

Abonneren

Informatie over dit artikel

Thema Farmacotherapie
Publicatie 1 mei 2004
Editie PiL - Jaargang 8 - editie 5 - Editie 5, 2004