Praktijkgerichte nascholing over farmacotherapie in de eerste lijn
Menu

Risicofactoren voor de ontwikkeling van subklinische hypothyreoïdie tijdens gebruik van valproïnezuur

Door op 01-01-2008

Bij subklinische hypothyreoïdie is er een asymptomatische verhoogde concentratie van thyrotropine (TSH), in het algemeen met normale concentraties van vrij thyroxine (T4) en triiodothyronine (T3). Subklinische hypothyreoïdie gaat samen met een verhoogde kans op bipolaire stemmingsstoornissen, atherosclerose van de aorta,myocardinfarct, diastolische disfunctie, verhoogde perifere vasculaire weerstand, en verminderde ontwikkeling van kinderen van moeders met dergelijke subklinische hypothyreoïdie. Verlaagde vrije en totale concentraties van thyroxine zijn gemeld bij patiënten die leverenzyminducerende anti-epileptica gebruiken en valproïnezuur is ook herhaaldelijk in verband gebracht met subklinische hypothyreoïdie. Mikati et al. stelden zich als doel de risicofactoren voor subklininsche hypothyreoïdie bij valproïnezuurgebruikers op te sporen.

Log nu in om het volledige artikel te bekijken of om te reageren.

Abonneren

Informatie over dit artikel

Thema Farmacotherapie
Publicatie 1 januari 2008
Editie PiL - Jaargang 12 - editie 1 - Editie 1, 2008