Praktijkgerichte nascholing over farmacotherapie in de eerste lijn
Menu

Telitromycine, hebben we dit nieuwe antibioticum echt nodig?

Door op 01-08-2005

Het ontwikkelen van steeds weer nieuwe antimicrobiële middelen wordt gemotiveerd door het ontstaan van resistentie tegen bestaande middelen. Die resistentieontwikkeling zou vooral optreden door deze middelen toe te passen bij bovenste luchtweginfecties. Het betreft hier vooral de Streptococcus pneumoniae. Isolaten daarvan tonen in 35-40% van de gevallen een verminderde gevoeligheid voor penicilline, in 30-35% voor macroliden en trimethoprimsulfamethoxazol en 25% is verminderd gevoelig voor cefuroxim. Ongeveer 10-15% van de klinische isolaten is multi-drug resistent (dat is voor drie of meer middelen). Deze cijfers hebben vooral betrekking op ziekenhuisinfecties. Maar ook in de algemene populatie komt afnemende gevoeligheid meer voor. Bovenstaande heeft geleid tot toenemend gebruik van fluorochinolonen, maar ook hiertegen is al Streptococcus pneumoniae-resistentie gemeld. In dit kader is er weer een nieuw antibioticum ontwikkeld, als eerste van een nieuwe groep: de ketoliden. Deze stof heet telitromycine. Het werkingspatroon komt overeen met dat van de macroliden, namelijk blokkade van de bacteriële eiwitsynthese. Op grond van structurele verschillen is de stof in vitro ook actief tegen voor penicilline- en macroliden-resistente bacteriën. In een zeer uitvoerig artikel1 wordt ingegaan op deze in vitro eigenschappen en passeren alle gedane en beschreven klinische onderzoeken de revue in geval van CAP (Community Acquired Pneumonia), AECB (Acute Exacerbation Chronic Bronchitis), AMS (Acute Maxillary Sinusitis) en PT (Pharyngitis Tonsillitis). In het algemeen bleek enkelvoudige orale dosering van 800 mg gedurende vijf dagen voldoende om de vergelijking met bestaande middelen, die doorgaans voor tien dagen worden voorgeschreven, te kunnen doorstaan. Kijkt men nu naar de klinische activiteit en de meerwaarde van telitromycine boven de gebruikelijke middelen bij de behandeling van CAP, dan verschilt telitromycine niet qua effectiviteit. De onderzoeken geven geen inzicht in de mate waarin telitromycine effectief is tegen penicilline- en macro-lide-resistente pathogenen, behalve voor een enkel verspreid geval, waar telitromycine werkzaam bleek. Onderzoeken waren daar niet op gericht. Ook bij AECB-onderzoeken zijn geen verschillen in effectiviteit gevonden tussen telitromycine, amoxycillineclavulanaat en cefuroxim. Echter, een vijfdaagse kuur van telitromycine vergeleken met tien dagen van de beide andere middelen leidde niet tot meer recidieven. Eenzelfde uitkomst werd verkregen met onderzoek bij AMS en PT. Alles bij elkaar is telitromycine werkzaam tegen respiratoire pathogenen met in vitro nog een positief effect op verminderd gevoelige of resistente pathogenen voor andere middelen. Dit laatste effect in vivo is er ook van andere stoffen, zoals fluorochinolonen die werkzaam zijn tegen macrolidenresistente micro-organismen. De vraag of telitromycine effectiever is, is dus nog open. Tevens is nog niet duidelijk geworden of telitromycine speciaal aangewezen is bij hoog-risicopatiënten. Nog afgezien van hier onbesproken aspecten als veiligheid, bijwerkingen en interacties, waarin telitromycine ook niet veel verschilt van de gebruikelijke middelen, rijst de vraag: hebben wij telitromycine echt nodig? De auteurs van het artikel concluderen dat het nieuwe middel een aanvulling is op de bestaande medicamenteuze opties bij de behandeling van bovenste luchtweginfecties, maar dat het middel gereserveerd moet blijven voor infecties die worden veroorzaakt door penicilline- en macrolide-resistente verwekkers.

Log nu in om het volledige artikel te bekijken of om te reageren.

Abonneren

Informatie over dit artikel

Thema Farmacotherapie
Publicatie 1 augustus 2005
Editie PiL - Jaargang 9 - editie 8 - Editie 8, 2005