Praktijkgerichte nascholing over farmacotherapie in de eerste lijn
Menu

Voor- en nadelen van gelijktijdig gebruik van clopidogrel en protonpompremmers

Door op 16-08-2010

Clopidogrel wordt vooral in de cardiologische praktijk gebruikt als antitromboticum bij patiënten met ernstige coronaire aandoeningen en daarbij gangbare vormen van behandeling voor revascularisatie, zoals de plaatsing van een stent. Het heeft onder meer als bijwerking een vergrote kans op gastroduodenale bloedingen. Protonpompremmers worden zowel door de huisarts als specialist vaak en langdurig voorgeschreven bij sommige maag-darmklachten. Het vermindert onder andere de kans op gastroduodenale bloedingen. Bij patiënten met een verhoogd risico op gastroduodenale bloedingen (gebruikers van acetylsalicylzuur of NSAID’s, bekend met ulcus ventriculi of eerdere maagdarmbloedingen) wordt daarom clopidogrel in combinatie met een protonpompremmer voorgeschreven.
Uit sommige publicaties blijkt echter dat protonpompremmers de bloedplaatjesremming door clopidogrel verminderen. Het gevolg hiervan is een minder gunstig therapeutisch effect betreffende cardiovasculaire complicaties. Hoewel clopidogrel en protonpompremmers vaak tegelijk gebruikt worden, is over de interactie tussen beide geneesmiddelen weinig gepubliceerd. Daarom werd in de periode 1999-2005 met een retrospectief cohortonderzoek nagegaan of gebruik van deze comedicatie leidt tot een veranderd risico op ziekenhuisopname voor gastroduodenale bloedingen en ernstige cardiovasculaire ziekten. Het onderzoek omvatte in beginsel 26.315 gebruikers van clopidogrel in de leeftijd van dertig jaar of ouder, van wie 4859 werden uitgesloten door bijvoorbeeld onvoldoende medische zorg, comorbiditeit of opname in een verpleeghuis. Tijdens het onderzoek vielen 860 patiënten uit wegens onvoldoende follow-up.
De onderzoekpopulatie bevatte uiteindelijk 20.596 patiënten van wie 7593 clopidogrel en protonpompremmers tegelijkertijd gebruikten; de overigen gebruikten alleen clopidogrel. Patiënten waren opgenomen in het ziekenhuis voor een cardiovasculaire aandoening (myocardinfarct, revascularisatie van een kransslagader of instabiele angina pectoris). Na ontslag werd hun geneesmiddelgebruik gevolgd aan de hand van de verstrekte recepten die in het gegevensbestand waren opgeslagen. Het primaire eindpunt waarop vervolgens werd onderzocht was ziekenhuisopname voor gastroduodenale bloedingen en ernstige cardiovasculaire ziekten (fataal of niet-fataal myocardinfarct, plotselinge hartdood, beroerte, of andere cardiovasculaire ziekte).
Gebruik van een protonpompremmer (in 62% van de gevallen pantoprazol en in 9% van de gevallen omeprazol) naast clopidogrel leidde tot een 50% lagere kans op ziekenhuisopname voor een gastroduodenale bloeding. Ook bij patiënten met de hoogste kans op een gastroduodenale bloeding was er een significant lager percentage ziekenhuisopnamen. Met betrekking tot het optreden van een ernstige cardiovasculaire ziekte duidde de hazard ratio-waarde rond de 1,0 niet op een verhoogd of verlaagd risico; nadere analyse van het 95% betrouwbaarheidsinterval wijst echter wel degelijk op een mogelijk verhoogd risico op een ernstige cardiovasculaire gebeurtenis bij gelijktijdig gebruik van clopidogrel en een protonpompremmer.
Voor de praktijk betekent dit dat bij clopidogrelgebruik alleen protonremmers moeten worden voorgeschreven bij een duidelijk verhoogd risico op gastroduodenale bloedingen. Ook mogen gebruikers van clopidogrel geen acetylsalicylzuur of NSAID’s gebruiken.

Belangenverstrengeling: sommige auteurs ontvingen sponsorgelden van de farmaceutische industrie.

Ray WA, Murray KT, Griffin MR, Chung CP, Smalley WE, Hall K, et al. Outcomes with concurrent use of clopidogrel and protonpump inhibitors. Ann Intern Med 2010;152:337-45.

Clodipogrel is in Nederland op de markt als zodanig en als Plavix®, Iscover® en Grepid®
Pantoprazol is in Nederland op de markt als zodanig en als Pantozol®
Omeprazol is in Nederland op de markt als zodanig en als Losec®

Log nu in om het volledige artikel te bekijken of om te reageren.

Abonneren

Informatie over dit artikel

Auteurs Dr. P.L.B. Bruijnzeel
Thema Farmacotherapie
Publicatie 16 augustus 2010
Editie PiL - Jaargang 14 - editie 6 - Editie 6, 2010