Praktijkgerichte nascholing over farmacotherapie in de eerste lijn
Menu

Werkzaamheid en veiligheid van cholesterolverlagende geneesmiddelen; prospectieve meta-analyse

Door op 01-07-2006

De gepubliceerde resultaten van meerdere gerandomiseerde klinische onderzoeken hebben aangetoond dat farmacotherapeutische interventie met statines leidt tot een verlaging van LDL-cholesterolconcentraties in de circulatie met als gevolg een significante verlaging van het risico op een coronair vasculair accident of een andere vasculaire aandoening. Omdat elk van deze onderzoeken slechts een beperkte zeggingskracht heeft met betrekking tot een bepaalde uitkomst of een bepaalde patiëntenpopulatie is een meta-analyse verricht van 14 gerandomiseerde onderzoeken met deze groep geneesmiddelen. In totaal werden de uitkomsten die verkregen waren bij 90.056 personen geanalyseerd. Alle klinische uitkomsten die geanalyseerd werden, werden betrokken op een verlaging van 1,0 mmol/L in het LDLcholesterol. Over een gemiddeld tijdsbestek van vijf jaar overleden 8186 personen, hadden 14.348 personen een belangrijke vasculaire aandoening en werd bij 5103 personen kanker vastgesteld. Na één jaar behandeling met statines varieerde de daling in het LDL-cholesterol tussen 0,35 mmol/L en 1,77 mmol/L (gemiddeld 1,09 mmol/L). Berekend kon worden dat een daling van 1 mmol/L in het LDL-cholesterol leidde tot een daling van 12% in alle doodsoorzaken (RR = 0,88; 95% BI 0,84-0,91; p < 0,0001). Opsplitsing naar doodsoorzaak leverde een daling van 19% van dood door coronair vaatlijden (RR = 0,81; 95% BI 0,76- 0,85; p < 0,0001), terwijl de dalingen in dood door niet coronaire vasculaire aandoeningen en door andere dan vasculaire niet significant daalden. Verder kon worden berekend dat door de verkregen verlaging van 1 mmol/L in het LDL-cholesterol eveneens een significante daling optrad in het optreden van myocardinfarcten of coronaire doodsoorzaken (RR = 0,77; 95% BI 0,74-0,80; p < 0,0001), de noodzaak tot coronaire revascularisatie (RR = 0,76; 95% BI 0,73- 0,80; p < 0,0001), en in het optreden van fatale en niet-fatale beroertes (RR = 0,83; 95% BI 0,78-0,88; p < 0,0001). De verlaging in het optreden van belangrijke vasculaire aandoeningen was evenredig met de absolute verlaging in het LDL-cholesterol die met de statinebehandeling werd bereikt (p < 0,0001). Al deze effecten waren al significant gedurende het eerste jaar van de therapie, maar werden absoluut groter in de daarop volgende jaren. Over een periode van vijf jaar kan de overall reductie van 20% per mmol/L LDLcholesterolverlaging absoluut als volgt vertaald worden: per 1000 personen waarbij een coronair vaatlijden in de voorgeschiedenis aanwezig was, treden 48 minder recidieven op, terwijl per 1000 personen zonder een dergelijke voorgeschiedenis dit aantal 25 bedraagt. Er werd in geen enkel onderzoek aanwijzingen verkregen dat statines de incidentie van kanker verhoogde.

Log nu in om het volledige artikel te bekijken of om te reageren.

Abonneren

Informatie over dit artikel

Thema Farmacotherapie
Publicatie 1 juli 2006
Editie PiL - Jaargang 10 - editie 7 - Editie 7, 2006